Laatste nieuws

  • Oud wordt nieuw

    jan 12, 2016
    Oude frames, voorvorken, banden en kettingen worden gerecycled tot nieuwe fietsen door Kiwanis-leden uit Ecuador.

    Oude frames, voorvorken, banden en kettingen worden gerecycled tot nieuwe fietsen door Kiwanis-leden uit Ecuador.

    Tientallen jongens en meisjes in de verpauperde stad Rio Caña in Ecuador rennen uitzinnig rond en lachen uitgelaten en trots. Zo wild gedragen deze kinderen zich anders nooit. Vaak kunnen zelfs de jongsten onder hen niet naar school, omdat ze moeten werken om geld voor het gezin te verdienen. Maar vandaag hoeft dat niet.

    Vandaag mogen ze zorgeloos zijn. Vandaag krijgen ze een cadeau: een fiets. Andere kinderen denken misschien: nou en? Maar voor deze kinderen is het een belangrijk transportmiddel, én een manier om plezier te maken, want dat hebben ze hard nodig.

    Eens was dit een grote hoop versnellingen, kettingen en hendels; nu is het een bron van geluk en mogelijkheden voor de kinderen van Rio Caña. Als Kiwanis-leden uit Ecuador naar de stad gaan, organiseren ze een feest voor de kinderen. Die mogen dan een fiets uitzoeken, helemaal voor henzelf.

    “Ik vind het geweldig dat de leden uit oud ijzer iets nuttigs hebben gemaakt, waar een groep kinderen plezier aan kan beleven,” zegt Atenaida Macias de Espinoza uit Manta, Kiwanis-lid en gouverneur van het district in oprichting Ecuador.

    Tegen de muur van een gebouw staat een rij glimmende, kleurige minifietsjes. Daarom rennen de kinderen zo uitgelaten rond. Ze willen het mooiste fietsje uitzoeken. Een klein meisje met krullen en een rood shirtje aan kiest een roze fietsje met bloemen uit. Ze springt op het zadel om hem uit te proberen. Als ze allemaal een fiets hebben uitgezocht, stuiven ze de onverharde weg op, draaien weer om en trappen fanatiek terug naar de Kiwanis-leden. De echo van hun lach achtervolgt hen, en dat zal de komende tijd zeker zo blijven.  — Ariana Gainer
  • Jesters reis

    jan 12, 2016
    Kiwanis-lid Jester Jersey uit Davis in de Amerikaanse staat Californië rust uit tijdens zijn wandeltocht door de Verenigde Staten om geld in te zamelen voor het Eliminate-project.

    Kiwanis-lid Jester Jersey uit Davis in de Amerikaanse staat Californië rust uit tijdens zijn wandeltocht
    door de Verenigde Staten om geld in te zamelen voor het Eliminate-project.


    Twee jaar geleden stuitte Jester Jersey op een boek dat zijn leven zou veranderen.

    In zijn autobiografie uit 1990, “The Long Walk Home”, beschrijft Matt Mattingly zijn wandeltocht dwars door Amerika ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan van Kiwanis. Jersey was zo onder de indruk van Mattingly’s verhaal, dat hij besloot zelf ook een wandeltocht te ondernemen ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan van Kiwanis. Met zijn tocht wilde hij geld inzamelen voor het Eliminate-project, een gezamenlijk project van Kiwanis International en UNICEF om tetanus bij moeders en pasgeborenen uit te bannen.

    Toen hij zijn uitrusting klaar had en zijn route had uitgestippeld, stapte Jersey, een Kiwanis-lid uit Davis in de staat Californië, op de trein naar New York, waar hij aan zijn reis begon. Honderdnegen dagen en zo’n 6115,5 kilometer later werd Jersey door een groep Kiwanis-leden welkom thuis geheten in de Japanse theetuin in San Francisco.

    Wat bezielde deze 29-jarige om zich bloot te stellen aan de ontberingen van een langeafstandswandeling? Daarvoor heeft Jersey geen spectaculaire verklaring. Hij zegt eenvoudig: “Ik wilde iets doen voor de gemeenschap.”

    Maar hoe bescheiden hij ook is, Jersey had weinig moeite met zijn langeafstandsvoettocht. Hij vertelt dat hij onderweg wat last had van insectenbeten en blaren, maar verder bagatelliseert hij de zwaarte van zijn onderneming.

    Tijdens de tocht zamelde hij meer dan $ 2000 in; berichten in de pers leverden daarnaast nog eens $ 1500 op.  — Matt Gonzales
  • Een verhaal over mij

    jan 12, 2016
    Jonge lezertjes lezen over hun eigen avonturen in gepersonaliseerde boeken, die ze hebben gekregen van Kiwanis-leden uit Wyoming.

    Jonge lezertjes lezen over hun eigen avonturen in gepersonaliseerde boeken,
    die ze hebben gekregen van Kiwanis-leden uit Wyoming.


    Dorothy Taylor, lid van de Kiwanis-club van Worland in de Amerikaanse staat Wyoming, herinnert zich nog goed dat ze het boekje “I Like Me” voor het eerst zag. Ze las het voor aan haar achterkleindochter en vond het een heel bijzonder verhaal.

    “Toen ik begon voor te lezen, drong het tot me door dat het boek over haar ging,” zegt Taylor. “Haar naam kwam erin voor, de naam van haar school, van haar juf, en van twee vriendinnetjes.”

    Met een gepersonaliseerd boek, waarin het kind zelf voorkomt, en soms zelfs dingen die het zelf heeft meegemaakt, wordt lezen leuk voor jonge lezertjes. Het boek “I Like Me”, bijvoorbeeld, is bedoeld om liefde voor lezen aan te wakkeren, een positief zelfbeeld te ontwikkelen en positieve associaties ten opzichte van school en leren te creëren.

    Taylor vond deze boeken heel geschikt om ook aan andere kinderen te geven. Ze zocht uit hoeveel kinderen er op de plaatselijke basisscholen zaten en hoeveel het project zou moeten kosten, voordat ze met haar idee aanklopte bij haar Kiwanis-club. Voor minder dan $ 1000 zou de club zes lerarenhandleidingen kunnen kopen en gepersonaliseerde boeken voor 94 leerlingen in groep 3 op drie plaatselijke scholen.

    Nadat de schoolbesturen hun fiat hadden gegeven, begon het personeel van de school met het verzamelen van informatie over de leerlingen, om gepersonaliseerde boeken over hen te kunnen maken. Binnen een maand konden Taylor en clubpresident Steve Hunt hun eerste boeken afleveren.

    “Ik stond versteld,” zegt Taylor. “Zodra ze de boeken gekregen hadden, leek het wel een bijenkorf: allemaal zaten ze luidop te lezen.”

    De club is van plan om door te gaan met deze traditie en volgend jaar weer boeken te schenken aan de nieuwe groep-3-leerlingen in Worland.  — Kimiko Martinez
  • Hart voor de verwaarloosden

    jan 12, 2016
    Het geschenk van een kind voor Kiwanis-leden die op bezoek komen: haar lach.

    Het geschenk van een kind voor Kiwanis-leden die op bezoek komen: haar lach.

    In Nepal, land in de Himalaya, zorgen overstromingen, aardverschuivingen, branden, hagelbuien, droogte, hongersnood en aardbevingen er soms voor dat de belangrijke dingen in het leven – onderwijs, gezondheidszorg, goede voeding – snel uit beeld verdwijnen. Dan gaat het alleen nog maar om overleven.

    Daarom richten leden van de Kiwanis-club van Lumbini in Nepal hun aandacht nu op kinderen die niet kunnen lezen en schrijven, weeskinderen en slachtoffertjes van natuurrampen. Deze kinderen, die in tentenkampen of langs de kant van de weg wonen, lopen een groot risico om het slachtoffer te worden van verwaarlozing, misbruik of ondervoeding.
    Nepalese gezinnen in de Himalaya wonen in geïmproviseerde tenten.

    Nepalese gezinnen in de Himalaya wonen in geïmproviseerde tenten.


    “Op dit moment bieden we hulp in het door een aardbeving getroffen landelijke gebied van Nawalparasi,” vertelt Deepak Bhandari, president van de club. Door de aardbeving van april vorig jaar met een kracht van 7,8 kwamen bijna 9000 mensen om, vielen er meer dan 22.000 gewonden en werden bijna 900.000 huizen verwoest of beschadigd.

    “Eerst bezoeken een paar Kiwanis-leden samen met andere vrijwilligers de getroffen plaats om poolshoogte te nemen,” vertelt Bhandari. “Als we alle gegevens hebben verzameld, beslissen we waar we gaan helpen.”

    Bhandari’s club beheert een ict-opleidingscentrum in het district Nawalparasi in Nepal, waar kinderen leren om gebruik te maken van computertechnologie. Sommige kinderen hadden nog nooit van computers gehoord, laat staan er een gezien, voordat ze naar het centrum kwamen.

    President Bhandari vertelt dat de club zich ten doel heeft gesteld om een stuk grond te kopen, waarop een kindertehuis moet worden gebouwd. Daar kunnen verwaarloosde kinderen uit de regio wonen, te eten krijgen en naar school gaan.  — Ariana Gainer
  • Toch nog hoop

    dec 14, 2015
    Tot haar zevende bewoog Carmen Cecilia Ulloa zich voort door te kruipen op handen en knieën. Dankzij de hulp van Kiwanis-leden uit Ecuador en hun medische partners kijkt de tiener nu uit naar de dag dat ze zal kunnen lopen – en dansen!

    Drie tienermeisjes zijn klaar met hun huiswerk en gaan naar het strand. Angie Bone en Mariuxi Palacios lopen met Carmen Cecilia Ulloa tussen hen in. Carmen zit op een driewieler, die ze met de hand bedient. Ze giechelen en fluisteren over jongens van school. Bij het strand aangekomen, laat Angie liedjes van Miley Cyrus en de Black Eyed Peas horen op haar smartphone. De meisjes zingen mee. Carmen ligt op het strand, terwijl haar vriendinnen vleugels van vlinders om haar heen tekenen in het zand. Prachtig!

    Carmen lacht alleen maar, te midden van al deze vriendschap. Ze weet niet goed hoe ze moet reageren, nu ze in het middelpunt van de belangstelling staat.

    Ze is gelukkig en blij. Ze spreekt met zachte stem, maar echt verlegen is ze niet. En hoewel ze rustig is, heeft ze veel te vertellen. Eerst glimlacht ze nog wat voorzichtig, maar hoe langer je met haar praat, hoe breder haar lach wordt. Ze woont in de stad Atacames in de provincie Esmeraldas in Ecuador.

    Carmen kan niet zelfstandig lopen. Tenminste, nog niet.

    Ze is geboren met de spierziekte artrogrypose. Haar spieren, pezen en weke delen zijn zwak en misvormd. Bij haar geboorte stonden haar handen en benen naar binnen gericht; ze kon ze niet uitstrekken.  Daardoor kon ze veel alledaagse handelingen niet zelfstandig verrichten, zoals lopen, schrijven, haar haar borstelen, douchen, eten en aankleden. Ze gebruikt een driewieler om zich voort te bewegen, en haar vriendinnen helpen haar liefdevol bij het vlechten van haar haar.

    Een paar jaar geleden had Carmen niet naar het strand durven gaan. Maar dankzij een groep toegewijde Kiwanis-leden ziet haar toekomst er nu veel rooskleuriger uit.
    Op een dag zal ze kunnen lopen, weet ze.

    Een jaar of zeven geleden was Carmen eens op het strand met haar vader, Alirio. Daar ontmoetten ze een man, Ricardo Moncayo, die zomaar voorstelde dat de Kiwanis-club van Equinoccial de Quito Carmen wel zou kunnen helpen.

    De chirurgen die Carmen behandelen, Gonzalo Uquillas en Alejandro Rubio, hebben een hechte relatie opgebouwd met haar en haar ouders.Deze Kiwanis-club werkt samen met een netwerk van ziekenhuizen en met Metrofraternidad, een organisatie die gratis medische zorg biedt aan patiënten met een laag inkomen, met name aan mensen met complexe aandoeningen. In dit samenwerkingsverband van drie partijen verschaft het ziekenhuis de middelen, Metrofraternidad zorgt voor artsen en de Kiwanis-club brengt de artsen in contact met de gezinnen die behoefte hebben aan hun diensten.  Het gezin van Carmen was daar één van.

    Na verschillende operaties en behandelingen kan Carmen zich nu met een looprek voortbewegen door haar huis.

    “Iedereen moet weten hoe goed het met me gaat,” zegt ze.

    Haar vader voegt daaraan toe: “Ik ben zo blij dat er mensen zijn die haar helpen. Daardoor is er nu een toekomst voor haar. Haar dromen kunnen werkelijkheid worden. Dat is niet meer alleen iets voor de verre toekomst.”

    Carmen is nu aan het revalideren om haar ledematen volledig te leren gebruiken. Het is riskant om nog meer operaties uit te voeren, en de tijd zal leren of dat nog zal gebeuren. Maar zodra ze klaar is met revalideren, wil Moncayo met haar dansen; nog vóór ze van de middelbare school komt, over twee jaar. Ze glimlacht bij de gedachte. Een brede glimlach.

    Ze verheugt zich erop.  — Ariana Gainer
blog comments powered by Disqus